Verkeerstekens en aanwijzingen Verkeerstekens op het wegdek
Rijd je op een weg met een doorgetrokken streep die niet langs de kant van de rijbaan ligt? Dan mag je die streep niet overschrijden. Ligt de streep tussen rijstroken met verkeer in beide richtingen? Dan mag je je ook niet links van die streep bevinden.
Een markering op de weg die rijstroken van elkaar scheidt. Dit kan een doorgetrokken streep zijn of een onderbroken streep.
Een ononderbroken witte lijn op de weg. Je mag deze lijn niet overschrijden. Rijdt er verkeer in beide richtingen? Dan mag je je ook niet links van deze lijn bevinden.
Een witte lijn op de weg met tussenruimtes. Je mag deze lijn overschrijden, maar alleen als het veilig is.
Met je voertuig over een streep rijden, zodat je aan de andere kant van de lijn terechtkomt.
Een onderbroken streep mag je wƩl overschrijden. Dit doe je bijvoorbeeld als je inhaalt of van rijstrook wisselt. Kijk dan altijd goed of het veilig is.
Soms liggen een doorgetrokken en een onderbroken streep naast elkaar. Aan welke kant jij rijdt, bepaalt dan wat je mag. Rijd je aan de kant van de onderbroken streep? Dan mag je de strepen overschrijden. Rijd je aan de kant van de doorgetrokken streep? Dan mag dat niet.
Je rijdt op een tweebaansweg met verkeer in beide richtingen. Tussen de rijstroken ligt een doorgetrokken streep. Je wilt een langzame vrachtwagen inhalen. Dat mag niet. Je wacht tot de doorgetrokken streep overgaat in een onderbroken streep.
Er zijn drie uitzonderingen op het verbod om een doorgetrokken streep te overschrijden:
- Je verlaat de rijstrook om een vluchthaven, vluchtstrook of spitsstrook te bereiken of te verlaten.
- Aan jouw kant van de streep ligt een onderbroken streep.
- Bestuurders op een fietsstrook mogen de doorgetrokken streep van de fietsstrook overschrijden.
