Gebruik van de weg Oprijden en afslaan op kruispunten
Je mag een kruispunt nooit blokkeren. Rijd het kruispunt pas op als je het direct weer vrij kunt maken.
Een kruispunt blokkeren betekent dat je stilstaat op het kruispunt en andere weggebruikers hindert. Dat gebeurt als je het kruispunt oprijdt terwijl je aan de andere kant niet verder kunt.
Controleer altijd eerst of je aan de overkant voldoende ruimte hebt. Staat het verkeer stil aan de andere kant? Wacht dan voor de stopstreep ookal is het groen. Rijd het kruispunt pas op als je er zeker van bent dat je het direct weer kunt vrijmaken.
Een kruispunt oprijden betekent dat je het kruispunt op rijdt. Je doet dit alleen als je zeker weet dat je het ook direct weer kunt verlaten.
Doorstroming betekent dat het verkeer soepel doorrijdt. Blokkeer je een kruispunt, dan staat het verkeer stil en stopt de doorstroming.
Een overweg is een kruising van een weg en een spoorweg. Je herkent hem aan bord J12 of J13. Dezelfde gedragsregel geldt hier: rijd er pas op als je er ook direct weer af kunt.
Bij een overweg is blokkeren extra gevaarlijk. Een trein kan niet opeens voor je remmen. Sta je vast op het spoor, dan heb je een groot probleem. Rijd nooit een overweg op als er file staat aan de andere kant. Dit is een veiligheidsregel, ook als artikel 14 uit het RVV strikt genomen alleen over kruispunten gaat.
Je rijdt op een drukke weg. Voor je is een kruispunt met verkeerslichten. Het licht springt op groen, maar aan de andere kant staat het verkeer stil. Je wacht voor de stopstreep. Zo blokkeer je het kruispunt niet en kan het andere verkeer blijven doorrijden.
Linksaf op een kruispunt
Wil je linksaf? Dan mag je soms al vast het kruispunt oprijden om te wachten op een veilig moment om daadwerkelijk over te steken. Je rijdt naar het midden van het kruispunt en wacht daar tot er ruimte is om linksaf te slaan. Dat helpt de doorstroming voor degenen achter jou.
Let op: dit mag alleen als je zeker weet dat je het kruispunt daarna direct vrij kunt maken. Blijf niet onnodig lang staan.
Je wilt linksaf op een kruispunt. Het licht is groen. Je rijdt het kruispunt op en stopt in het midden. Je wacht op een gat in het tegemoetkomende verkeer. Zodra er ruimte is, sla je linksaf en verlaat je het kruispunt direct.
