Gebruik van de weg Oprijden en afslaan op kruispunten
Als je wilt afslaan, moet je op tijd voorsorteren. Dat betekent: alvast naar de juiste rijstrook rijden voor de richting die je op wilt gaan. Dit doe je ruim voor het kruispunt.
Voorsorteren betekent dat je alvast naar de kant rijdt die past bij de richting die je op wilt. Je doet dit ruim voor het kruispunt.
Een rijstrook is een gedeelte van de rijbaan, afgebakend door strepen op het wegdek. Een rijstrook is breed genoeg voor een motorvoertuig op meer dan twee wielen.
Doorstroming betekent dat verkeer soepel door kan rijden. Goede doorstroming voorkomt files en oponthoud.
Wil je rechts afslaan? Rijd dan tijdig zoveel mogelijk naar rechts. Wil je links afslaan? Rijd dan tijdig zoveel mogelijk naar links of naar de wegas toe.
Op een weg met meerdere rijstroken neem je normaal de rechterrijstrook van de richting die je op wilt. Dat is de veiligste keuze. Links voorsorteren mag ook, bijvoorbeeld als dat beter past bij de situatie na het kruispunt of als het de doorstroming ten goede komt.
Geef altijd een teken met je richtingaanwijzer voordat je afslaat. Doe dat ruim van tevoren, zodat andere weggebruikers weten wat je van plan bent.
Je rijdt op een weg met 2 rijstroken in jouw richting. Verderop wil je rechtsaf. Je rijdt al op ruim op tijd op de rechterrijstrook. Je zet je richtingaanwijzer aan en slaat rechtsaf. Dat gaat soepel.
