Verlichting bij stilstaan en parkeren

Veilig rijden met het voertuig en reageren in noodstituaties Gebruik van verlichting

Stilstaand voertuig

Een voertuig dat niet rijdt en niet geparkeerd is. Denk aan een scooter die wacht voor een rood verkeerslicht of stopt om iemand te laten instappen.

Parkeren

Je laat je voertuig langer stilstaan dan nodig is om iemand in of uit te laten stappen, of om iets te laden of te lossen.

Sta je 's nachts stil buiten de bebouwde kom? Dan moet je verlichting voeren. Zo waarschuw je andere weggebruikers op tijd.

Stadslicht

Een zwak wit licht aan de voorzijde van je voertuig. Het laat zien dat er een voertuig staat en hoe breed het is.

Zichtbaarheid

Hoe goed andere weggebruikers jou kunnen zien. Bij nacht of slecht zicht is je zichtbaarheid lager. Verlichting vergroot je zichtbaarheid.

Reflectie

Licht dat terugkaatst. Retroreflectoren of reflecterende strepen kaatsen het licht van andere voertuigen terug. Zo ben je zichtbaar zonder eigen verlichting.

Een motorvoertuig op meer dan 2 wielen dat buiten de bebouwde kom stilstaat op de rijbaan moet bij nacht stadslicht en achterlicht voeren.

Een bromfiets of scooter valt niet onder art. 38. Die heeft minder dan 3 wielen. Er geldt dus geen wettelijke verlichtingsplicht bij stilstaan. De tips hieronder zijn praktisch advies, geen wettelijke verplichting. Toch ben je ook op een scooter verantwoordelijk voor je eigen zichtbaarheid. Kies een verlichte plek of gebruik reflecterende materialen.

Op een onverlichte weg buiten de bebouwde kom is extra aandacht nodig. Andere weggebruikers zien jou pas laat als je niet opvalt.

Je rijdt 's avonds op je scooter en je band is lek. Je moet stoppen op een onverlichte weg buiten de bebouwde kom. Zet je scooter zo ver mogelijk van de rijbaan. Zet je achterlicht aan en gebruik eventueel de zaklamp op je telefoon als extra waarschuwing. Andere weggebruikers zien je dan eerder.