Bijzondere wegen, weggedeelten, weggebruikers en verrichtingen Bijzondere wegen
Een lijnbus is een motorvoertuig voor openbaar vervoer. Denk aan de stads- en streekbussen van een vervoersbedrijf.
Een bushalte is een plek langs de weg waar een lijnbus stopt. Passagiers stappen daar in en uit. Je herkent een bushalte aan bord L3 [afb:170]. Soms zie je ook een gele markering op de stoeprand.
Een tramhalte is een plek langs de weg waar een tram stopt om passagiers te laten in- en uitstappen.
Dit zijn mensen die op dat moment instappen of uitstappen. Ze staan nog op de weg of zijn nog niet volledig ingestapt.
Rijd je langs een stilstaande tram of bus? Dan moet je aan de kant waar passagiers in- of uitstappen die passagiers de ruimte geven.
Passagiers lopen van de halte naar de ingang van de bus of tram. Daarbij kunnen ze plotseling oversteken of stilstaan. Verlaag daarom je snelheid en wacht tot iedereen veilig is.
Je rijdt op een weg met tramrails. De tram staat stil bij een halte. Aan de rechterkant stappen mensen uit. Je rijdt langzaam links langs de tram. Daarbij houd je goed in de gaten of er geen passagiers van achter de tram langs oversteken.
Tramhalte zonder perron
Staat een tram stil bij een halte zonder perron? Dan stappen passagiers op de rijbaan uit. Als bestuurder moet je hun de gelegenheid geven om in- en uit te stappen.
Bij een tramhalte met een perron stappen passagiers direct op het perron. Ze hoeven de rijbaan niet over te steken. Bij een halte zonder perron ligt dat anders: de rijbaan is dan de enige route van de tram naar de stoep.
Autobus wegrijden bij bushalte (binnen bebouwde kom)
Rijdt een autobus bij een bushalte weg en geeft de bestuurder richting aan? Dan moet je de bus de ruimte geven om weg te rijden.
Deze regel geldt alleen binnen de bebouwde kom, en voor alle autobussen, niet alleen lijnbussen. Zet de busbestuurder zijn richtingaanwijzer aan? Dan geeft hij daarmee aan dat hij wil wegrijden. Jij vertraagt dan of stopt, zodat de bus de weg op kan.
Buiten de bebouwde kom geldt deze voorrangsregel niet. Daar moet de busbestuurder zelf een veilig moment afwachten om weg te rijden.
Je rijdt op een drukke weg binnen de bebouwde kom. Een lijnbus staat bij een bushalte. De bestuurder zet zijn richtingaanwijzer aan. Je vertraagt en laat de bus invoegen. Pas daarna rijd je verder.
