Bijzondere wegen, weggedeelten, weggebruikers en verrichtingen Bijzondere manoeuvres
Soms voer je een bijzondere verkeershandeling uit. Je wijkt dan af van de normale rijrichting. De wet noemt dit een bijzondere manoeuvre. Bij elke bijzondere manoeuvre geldt ƩƩn basisregel: je laat al het andere verkeer voor.
Een bijzondere manoeuvre is een verkeershandeling waarbij je afwijkt van de normale doorgaande rijrichting. Denk aan achteruitrijden, keren of van rijstrook wisselen. Bij elke bijzondere manoeuvre laat je al het andere verkeer voor.
Voer je een bijzondere manoeuvre uit? Dan moet je het overige verkeer voor laten gaan.
De wet noemt een aantal bijzondere manoeuvres:
- Wegrijden
- Achteruitrijden
- Keren
- Uit een uitrit de weg oprijden
- Van een weg een inrit oprijden
- Van de invoegstrook de doorgaande rijbaan oprijden
- Van de doorgaande rijbaan de uitrijstrook oprijden
- Van rijstrook wisselen
Wegrijden is een stilstaand voertuig in beweging zetten om aan het verkeer deel te nemen. Je geeft richting aan en laat ander verkeer voor.
Keren is je voertuig draaien zodat je in de tegenovergestelde richting verder rijdt. Je gaat dus terug de kant op waar je vandaan kwam.
Invoegen is het oprijden van de doorgaande rijbaan vanaf een invoegstrook. Je past je snelheid aan het verkeer op de doorgaande rijbaan aan en laat dat verkeer voor.
Uitvoegen is het verlaten van de doorgaande rijbaan via een uitrijstrook. Je rijdt de uitrijstrook op om de weg te verlaten.
Een rijstrookwissel is het verlaten van je huidige rijstrook om naar een andere rijstrook te gaan op dezelfde rijbaan. Je slaat niet af en verlaat de rijbaan niet.
Let op: er is een extra aandachtspunt voor uitritten en inritten. Zowel uitrijden als inrijden zijn bijzondere manoeuvres. Jij geeft dan voorrang aan het doorgaande verkeer op de weg. Rijden twee bestuurders tegelijk een in-/uitrit op of af, de een rijdt uit en de ander in, dan gaat de uitrijdende bestuurder bij voorkeur eerst.
Je staat geparkeerd op een parkeerterrein. Je wilt wegrijden en de weg opdraaien. Op de weg fietst iemand voorbij. Je wacht tot de fietser gepasseerd is. Daarna rijd je de weg op. Dit is wegrijden als bijzondere manoeuvre.
Je rijdt een bedrijventerrein af via een uitrit. Tegelijk rijdt er een auto de inrit in. Jullie voeren allebei een bijzondere manoeuvre uit. Jullie letten allebei op het doorgaande verkeer op de weg.
