Bakens bij overwegen en beweegbare bruggen

Verkeerstekens en aanwijzingen Bebakening en aanwijzingen

Voor een overweg of beweegbare brug staan bakens langs de weg. Ze waarschuwen je dat je de overweg of brug nadert. Als je ze op tijd ziet, kun je rustig je snelheid aanpassen.

Baken

Een baken is een paal met een bord langs de weg. Het bord heeft schuine rode strepen op een witte achtergrond. Het aantal strepen laat zien hoe ver je nog van de overweg of brug af bent.

Overweg

Een overweg is een kruising van een weg en een spoorweg.

Beweegbare brug

Een beweegbare brug kan geheel of gedeeltelijk opengaan. Dat gebeurt om schepen door te laten. Je kan pas verder rijden als de brug weer dicht is.

Afstandsaanduiding

De schuine strepen op het baken geven de afstand aan tot de overweg of brug. Drie strepen betekent de grootste afstand. Één streep betekent dat je er vlak voor staat.

Drie bakens, drie afstanden

De bakens staan op vaste afstanden voor de overweg of brug:

  • Drie schuine strepen: op circa 240 meter van de overweg of brug
  • Twee schuine strepen: op circa 160 meter van de overweg of brug
  • Één schuine streep: op circa 80 meter van de overweg of brug

Zie je het eerste baken met 3 strepen? Begin dan met minderen. Bij het baken met 1 streep ben je vlak bij de overweg of brug. Rijd langzaam, zodat je veilig kunt stoppen als dat nodig is.

Je rijdt op een landweg en ziet een baken met drie rode strepen. Je weet dan dat er op circa 240 meter een overweg of beweegbare brug is. Je begint rustig af te remmen. Bij het baken met één streep rijd je langzaam. Stop als de brug opengaat of de slagbomen zakken.