Verkeerstekens en aanwijzingen Verkeerstekens op het wegdek
Op de rijbaan staan strepen die je helpen om op de goede plek te rijden. Dit heet belijning. Als bromfietser moet je weten wat elke streep betekent.
Alle markeringen op het wegdek samen. Ze geven de grenzen van rijstroken aan en scheiden verkeer in verschillende richtingen.
Een doorgetrokken streep langs de rand van de rijbaan. De kantstreep geeft de grens aan tussen de rijbaan en de berm of het trottoir.
Een onderbroken streep die rijstroken in dezelfde rijrichting van elkaar scheidt. Je mag een deelstreep overschrijden als je van rijstrook wisselt of inhaalt. Maar alleen als het veilig is.
Een streep in het midden van de weg die verkeer in tegengestelde richtingen scheidt. Dit kan een doorgetrokken of een onderbroken streep zijn.
Een door strepen gemarkeerd deel van de rijbaan. Het is breed genoeg voor een motorvoertuig op meer dan 2 wielen.
Een doorgetrokken streep die niet langs de rand van de rijbaan ligt, mag je niet overschrijden. Je mag je ook niet links van zo'n streep bevinden als die rijrichtingen scheidt.
Als bromfietser rijd je meestal aan de rechterkant van de rijbaan, dicht bij de kantstreep. Zo geef je andere weggebruikers de ruimte om je in te halen.
De deelstreep verdeelt de rijbaan in rijstroken voor verkeer in dezelfde richting. Je mag de deelstreep overschrijden om van rijstrook te wisselen of om in te halen. Controleer altijd eerst of het veilig is.
De asstreep scheidt de rijrichtingen. Is het een doorgetrokken asstreep? Dan mag je die niet overschrijden. Is het een onderbroken asstreep? Dan mag je die overschrijden om in te halen. Maar ook dan alleen als het veilig is.
Je rijdt op een tweebaansweg met een onderbroken asstreep in het midden. Voor jou rijdt een langzame fietser op de rijbaan. Je kijkt in je spiegel en kijkt of er geen tegenligger aankomt. Je steekt de asstreep over, haalt de fietser in en keert daarna terug naar rechts.
