Bijzondere wegen, weggedeelten, weggebruikers en verrichtingen Bijzondere wegen
Een autoweg is een weg aangeduid door bord G3. Parkeerplaatsen, tankstations en bushaltes langs de autoweg maken geen deel uit van de autoweg.
Autoweg
Je herkent een autoweg aan bord G3. Je mag alleen op een autoweg rijden als je motorfiets minimaal 50 km/u kan en mag rijden.
Een autoweg is alleen toegestaan voor motorvoertuigen die ten minste 50 km/u kunnen én mogen rijden. Net als bij de autosnelweg gaat het om wat je voertuig aankan, niet om een verplichte rijsnelheid.
Op een autoweg mag je niet keren en niet achteruit rijden. Je mag je motor ook niet op de rijbaan laten stilstaan. In een noodgeval mag je de vluchtstrook, vluchthaven of berm gebruiken. Buiten noodgevallen is dat verboden.
Op de autoweg geldt een maximumsnelheid van 100 km/u. Dat is lager dan op de autosnelweg, waar motorfietsen 130 km/u mogen rijden.
Een gelijkvloers kruispunt is een plek waar twee of meer wegen elkaar op hetzelfde niveau kruisen. Er is geen viaduct, brug of tunnel. Het verkeer uit verschillende richtingen komt samen op één wegdek.
Een autoweg lijkt op een autosnelweg, maar er zijn belangrijke verschillen. Op een autosnelweg zijn geen gelijkvloerse kruispunten. Andere wegen kruisen de autosnelweg via een viaduct of tunnel. Op een autoweg komen gelijkvloerse kruispunten wél voor. Verkeer kan de autoweg oprijden via een gewone T-splitsing of een kruispunt. Ook kunnen er tegenliggers zijn, want niet elke autoweg heeft een middenberm die de rijrichtingen scheidt.
Je rijdt op een autoweg. Bij een kruispunt rijdt een auto van rechts de autoweg op. Op een autosnelweg zou dat niet kunnen, want daar zijn geen gelijkvloerse aansluitingen.
