Bijzondere wegen, weggedeelten, weggebruikers en verrichtingen Bijzondere voertuigen
Een vluchtheuvel is een verhoogd eilandje op het wegdek, tussen de rijbaan en de halte. Passagiers wachten daar veilig, los van het rijverkeer.
Een passagier is iemand die meerijdt in of op een voertuig. Zelf bestuurt hij het voertuig niet.
Een tramhalte is een aangewezen plek langs de weg waar een tram stopt. Daar stappen passagiers in en uit.
Art. 52 RVV verplicht je om passagiers de gelegenheid te geven in en uit te stappen. Is er een vluchtheuvel? Dan wachten passagiers buiten de rijbaan. Ze hoeven dan niet over te steken en jij kunt gewoon doorrijden. Is er geen vluchtheuvel? Dan moeten passagiers de rijbaan oversteken om bij het trottoir te komen. In dat geval moet je wachten.
Je rijdt op een weg in een woonwijk. Een tram stopt bij een halte zonder vluchtheuvel. Twee mensen stappen uit en lopen richting het trottoir. Jij wacht tot ze de rijbaan over zijn. Daarna rijd je verder.
