Tegemoetkomen bij wegversmalling

Bijzondere wegen, weggedeelten, weggebruikers en verrichtingen Bijzondere manoeuvres

Wegversmalling

Een plek op de weg waar de rijbaan smaller wordt. Twee voertuigen kunnen er dan niet naast elkaar door. Daarom kijk je naar de borden wie er eerst mag. Zijn die er niet, dan spreken jullie onderling af wie er eerst rijdt.

Tegemoetkomend verkeer

Verkeer dat uit de tegenovergestelde richting komt. Dat zijn alle weggebruikers: bijvoorbeeld auto's, fietsers en voetgangers.

Berm

De strook grond langs de rijbaan, buiten de verharding. Je rijdt hier niet op.

Op een smalle weg past soms maar één voertuig tegelijk. Bij een wegversmalling kijk je naar de borden wie er eerst mag rijden. Staan er geen borden? Dan spreek je onderling af wie er eerst gaat of kijk je naar wie als eerste bij de wegversmalling aankwam. Als motorrijder rijd je verder naar rechts of je stopt even. De berm mag je niet zomaar in, want die is smal en ongelijk. De keuze is dus duidelijk: jij geeft zoveel mogelijk ruimte.

Ligt er een zebrapad bij de versmalling? Dan geef je voetgangers altijd voorrang. Je moet voetgangers voor laten gaan die oversteken of dat kennelijk willen doen.

Bord F5

Dit bord verbiedt bestuurders om door te rijden als er verkeer uit de tegengestelde richting aankomt. Je wacht tot de weg vrij is.

Bord F6

Dit bord geeft aan dat verkeer vanaf jouw kant voorrang heeft op tegenliggende bestuurders. Bestuurders van die kant wachten op  jou. 

Borden F5 en F6 regelen de doorgang

Staat er een bord F5? Dan moet jij wachten. Staat er een bord F6? Dan mag jij eerst.

Je rijdt op een smalle landweg. Halverwege is de weg versmald door een rij paaltjes. Aan jouw kant staat bord F5. Je stopt en wacht voor de tegenligger. Pas als de weg vrij is, rijd je door.