Wetgeving Gedragsregels
Artikel 5 WVW zegt dat je niemand in het verkeer in gevaar mag brengen of mag hinderen. Dat klinkt simpel. Toch vraagt het om meer dan alleen de regels kennen. Je moet ook vooruitdenken, snel beslissingen nemen en rekening houden met anderen.
Je mag in het verkeer niemand in gevaar brengen of hinderen.
Vooruitdenken en defensief rijden
Als goede bestuurder kijk je verder dan alleen wat vlak voor je rijdt. Je let op wat er verderop gebeurt, op het gedrag van andere weggebruikers en op omstandigheden zoals regen of file. Zo heb je tijd om rustig te reageren.
Bij defensief rijden zie je mogelijke gevaren al van tevoren aankomen en reageer je er op tijd op. Je past je snelheid en positie aan, zodat je ruimte houdt om fouten van anderen op te vangen.
Je rijdt op een drukke weg en ziet dat een auto een eind verderop plots remt. Je hebt al afstand gehouden en remt rustig mee. Door jouw inschatting ontstaat er geen gevaarlijke situatie.
Snel en duidelijk beslissen
In het verkeer moet je snel beslissen. Twijfel je? Dan is stoppen of wachten vaak de veiligste keuze. Een aarzeling op een rotonde of kruispunt zorgt namelijk al snel voor gevaar bij anderen.
Besluitvaardig rijden betekent niet dat je snel of agressief rijdt. Het betekent dat je duidelijk en voorspelbaar handelt. Daardoor kunnen andere weggebruikers beter op jou reageren.
Je wilt linksaf slaan en twijfelt of je nog kunt gaan voor het tegemoetkomende verkeer. Je besluit te wachten. De auto achter je moet even remmen, maar een gevaarlijke situatie is voorkomen.
Risicocompensatie
Voel je je veiliger? Dan neem je soms meer risico. Dat heet risicocompensatie. Je rijdt bijvoorbeeld harder, omdat je denkt dat je auto goede remmen heeft.
Moderne auto's hebben systemen zoals een noodremassistent, rijstrookassistent of adaptieve cruisecontrol. Deze systemen helpen je, maar nemen het rijden niet over. Jij blijft verantwoordelijk.
Let op dat je niet te veel op techniek vertrouwt. Een veiligheidssysteem kan namelijk niet alles opvangen. Rijden vraagt altijd om je eigen aandacht en oordeel.
Je auto heeft een noodremsysteem. Daardoor rijd je dichter achter een vrachtwagen dan slim is. Dit is gevaarlijk. Het systeem reageert niet altijd op tijd, en jijzelf dan waarschijnlijk ook niet meer.
Sociaal gedrag in het verkeer
Sociaal rijden betekent dat je rekening houdt met anderen. Je laat iemand invoegen, je wacht op een fietser die oversteekt en je reageert niet agressief als iemand een fout maakt.
Agressief of hinderlijk rijgedrag valt onder artikel 5 WVW. Je mag het verkeer niet hinderen, ook niet door te dicht achter een ander te rijden of te laat te remmen.
Op een smalle weg komt een fietser tegemoet. Er is weinig ruimte. Je laat gas los, houdt rechts en laat de fietser passeren. Dat is sociaal en veilig rijgedrag.
