Verkeerstekens en aanwijzingen Verkeerstekens op het wegdek
Voorrangsdriehoeken op het wegdek. Ze geven aan dat je voorrang moet verlenen aan bestuurders op de kruisende weg.
Je laat andere bestuurders ongehinderd hun weg vervolgen. Je wacht tot zij voorbij zijn voordat jij verder rijdt.
Een weg die de weg waarop jij rijdt, kruist. Op een kruispunt komen twee of meer wegen samen.
Haaientanden
Haaientanden horen bij bord B6. Je moet voorrang verlenen aan bestuurders op de kruisende weg. Je hoeft niet te stoppen als de weg vrij is.
Haaientanden zijn witte driehoekjes op het wegdek, met de punt naar jou toe. Je herkent ze bij kruispunten en rotondes. Ze vertellen je dat bestuurders op de kruisende weg voorrang hebben. Komt er niemand aan, dan rijd je gewoon door. Komt er wel iemand aan, dan stop je en wacht je rustig af.
Een brede witte streep dwars over de rijbaan. Je moet volledig stoppen voor deze streep.
Bord B7 met de tekst STOP. Dit bord staat bij gevaarlijke kruispunten waar je altijd volledig moet stoppen, ook als de weg vrij lijkt.
Stopstreep en stopbord
Een stopstreep hoort bij bord B7. Je moet altijd volledig stoppen voor de stopstreep. Daarna verleen je voorrang aan bestuurders op de kruisende weg.
Het verschil met haaientanden is duidelijk. Bij haaientanden stop je alleen als het nodig is. Bij een stopstreep stop je altijd, ook als je niemand ziet aankomen. Pas als je stilstaat, besluit je of je veilig door kunt gaan.
Op een motor heb je minder bescherming dan in een auto. Stop daarom ruim voor de streep. Zo heb je goed zicht op beide richtingen voordat je verder rijdt.
Je nadert een kruispunt op je motor. Op het wegdek zie je haaientanden. Van rechts komt een bestelwagen. Je remt af en wacht tot hij voorbij is. Daarna rijd je verder.
