Verantwoorde verkeersdeelname en milieubewust rijden Verkeersinzicht en rijgedrag
Dit betekent dat je altijd rekening houdt met fouten van anderen. Zo voorkom je gevaar, ook als een andere weggebruiker iets verkeerd doet.
Je kijkt vooruit en schat in wat andere weggebruikers gaan doen. Daardoor pas je je snelheid en positie al aan vóórdat een gevaarlijke situatie ontstaat.
Je houdt rekening met andere weggebruikers. Je maakt ruimte, laat anderen invoegen en vermijdt agressief gedrag.
Je kijkt ver voor je uit en neemt situaties vroeg waar. Op de motor is dit extra belangrijk, want je bent minder beschermd dan in een auto.
Artikel 5 WVW zegt dat je niemand in gevaar mag brengen of het verkeer mag hinderen. Dit geldt voor alle deelnemers aan het verkeer, dus ook voor jou als motorrijder.
Op de motor is defensief rijden extra belangrijk. Je hebt geen carrosserie die je beschermt. Daardoor kan één fout van een andere weggebruiker grote gevolgen hebben. Rijd daarom altijd voorbereid om te reageren.
Anticiperen betekent dat je ver vooruitkijkt. Je let op voetgangers, fietsers en andere voertuigen. Zo zie je een gevaarlijke situatie al aankomen en pas je je snelheid aan vóórdat het gevaarlijk wordt.
Je rijdt op een landweg. Bij een kruising zie je een auto die vaart mindert, maar nog geen richting aangeeft. Jij vertraagt alvast. Zo kun je stoppen als die auto onverwacht afslaat.
Vooruitkijken helpt je om gevaren vroeg te herkennen. Houd je blik daarom ver naar voren gericht, niet alleen op het asfalt vlak voor je wiel. Zo heb je meer tijd om te reageren op wat er verderop gebeurt.
Je rijdt op een doorgaande weg langs een rij geparkeerde voertuigen. Bij een bestelbus zie je dat de deur opengaat. Jij stuurt iets naar links en vertraagt. Zo ontwijk je de deur zonder te schrikken.
Rijd voorspelbaar, want andere weggebruikers moeten kunnen inschatten wat jij gaat doen. Geef op tijd richting aan, rem niet plotseling en houd een vaste rijlijn. Zo kunnen anderen op je rekenen.
Sociaal rijgedrag maakt het verkeer veiliger voor iedereen. Je laat iemand invoegen als er ruimte is. Je geeft een fietser voldoende ruimte bij het inhalen. En je jaagt niemand op, ook niet als jij de snelste bent op de weg.
Defensief rijden is geen zwak rijgedrag, maar slim rijden. Je past je aan de situatie aan, zodat jij en anderen veilig aankomen.
