Verantwoorde verkeersdeelname en milieubewust rijden Verkeersinzicht en rijgedrag
Je blik richt zich op één punt ver weg. Je neemt minder waar wat dichtbij of opzij van je is. Je ziet als het ware door een tunnel.
Een vorm van tunnelvisie die ontstaat op lange, rechte wegen in een vlak landschap. De weg lijkt leeg en veilig. Toch versmalt je blikgedrag zonder dat je het merkt.
Alles wat je ziet, hoort en voelt terwijl je rijdt. Bij goede waarneming merk je gevaar op tijd op.
Hoe je je ogen beweegt tijdens het rijden. Bij goed blikgedrag kijk je actief rond: ver weg, dichtbij, links en rechts.
Als motorrijder ben je extra kwetsbaar voor tunnelvisie. Op een motor scan je de weg al snel met je hoofd recht vooruit. Daardoor zie je zijstraten, overstekende fietsers en uitrijdende auto's mogelijk te laat.
Je rijdt op een lange, rechte landweg. Er is geen verkeer zichtbaar. Zonder dat je het merkt, richt je blik zich op een punt ver weg. Dan nader je een zijstraat. Een fietser rijdt eruit. Je ziet hem te laat, want je keek niet opzij.
De oplossing is bewust blikgedrag. Scan actief: kijk eerst ver vooruit, dan dichterbij, dan links, dan rechts. Herhaal dit ritme steeds opnieuw. Beweeg daarbij je hoofd, niet alleen je ogen. Op een motor draait je blik namelijk mee met je hoofd. Draai je hoofd dus ook echt opzij bij kruispunten en zijstraten.
Let ook op je snelheid. Op een lege weg ga je ongemerkt harder rijden. Een hogere snelheid maakt tunnelvisie erger, want je blikveld versmalt verder naarmate je sneller rijdt.
Je mag niemand in gevaar brengen of het verkeer hinderen. Tunnelvisie en polderblindheid vergroten de kans op gevaarlijke situaties. Goed blikgedrag hoort daarom bij die zorgplicht.
